Nieuwsflits

Myrthe en Pleun zijn weer thuis

geplaatst op: 06-03-2012
Maandag om kwart over acht komt Pleun de hal van de school binnen, moe, slecht geslapen, bijna niet gegeten, maar heel vrolijk. "Het was gaaf, het was de moeite waard, maar ik ben heel moe," vertelt ze. "Ik ben ook erg afgevallen, want het was vaak veel te warm om te eten en we aten ook op van die rare tijden." Terwijl we staan te praten, komen klasgenoten en vrienden Pleun omhelzen en dan is Myrthe er ook.

Samen met V4C en V4A gaan we de mediatheek in, om te horen hoe de meiden het gehad hebben. Matthijs wil gelukkig filmen en in de mediatheek praten we verder. Het gaat goed met beide dames, al zijn ze wel erg moe en hebben ze veel geslapen dit weekend, Myrthe zelfs de hele zaterdag.

Pleun vertelt op mijn vraag waar ze blij van werd in Oeganda: "We waren op een school waar ook kinderen met een beperking les kregen. We hadden gehoord dat zulke kinderen daar achtergehouden werden, omdat hun beperking als een straf van God wordt gezien. Dat deed me heel erg goed, dat ze hier les kregen. Bovendien, al die blije gezichtjes! We waren echt een attraktie!" We lachen allemaal, maar Pleun verzekert ons dat het helemaal niet meevalt om een attractie te zijn. Myrthe vertelt hoe zij blij werd van de kinderen die om haar heen kwamen staan toen ze haar bellenblaas tevoorschijn haalde. "De kinderen hadden dat nog nooit gezien. Verder vond ik het heel bijzonder hoe zo'n klas zo stil kon zijn. Bij ons, in een klas van twintig mensen, zou het nooit zó stil kunnen zijn. Dat was heel mooi om te zien."

Myrthe en Pleun praten ons over dit onderwerp even bij: wij klagen al, als wij bij Nederlands met 32 leerlingen in een klas zitten maar in Oeganda zijn klassen met 110 tot zelfs 215 kinderen. Pleun vindt dat heel erg: "Dan zitten ze allemaal op zo'n heel klein bankje en dan is het bloedheet in zo'n lokaal. Je kunt je niet voorstellen hoe dat is. Het klaslokaal is trouwens net zo groot als bij ons..."

Myrthe was onder de indruk van heel veel dingen, van het bedelen, van een kinderhandje dat de bus in gaat en zo'n kind dat zegt: " Don't cry, I need money." Myrthe vertelt ook over het pesten in Oeganda: "Er was een jongetje met het syndroom van Down dat helemaal verstoten werd, terwijl het nog wel een school was voor kinderen met special needs!" Pleun vult aan: "Er was een meisje dat blind geworden was omdat ze bij het buiten spelen een vinger in haar oog gekregen had. Ze werd uitgelachen door iedereen, ook door de leraren. Dat raakt je echt heel erg. Toen ze naar ons toekwam en wij haar aandacht gaven, was iedereen ineens heel aardig tegen haar, maar toen we weer weggingen en haar een foto gaven, werd die foto afgepakt en werd ze gelijk weer gepest. Dat waren heftige momenten in de reis. Zo ben je heel blij en zo ben je in tranen."

Myrthe en Pleun weten zeker dat wij ‘verschil kunnen maken’ voor deze kinderen. Myrthe heeft met een conrector gepraat, die vertelde dat vooral materiële hulp nodig is. Zonder minstens een schrift en een pen en je uniform kun je namelijk niet naar school. De conrector legde haar uit dat alleen rijke kinderen naar school kunnen. Het land doet wel alsof alle kinderen onderwijs krijgen, maar dat is helemaal niet zo. Myrthe: "Dat is heel hypocriet. De regering betaalt alleen voor de boeken en het schoolgeld, maar niet voor een uniform en zonder dat uniform kun je niet naar school. Als er, bijvoorbeeld met onze hulp, meer kinderen naar school gaan, zullen ze wel meer schoollokalen moéten bouwen."

Pleun is het helemaal met Myrthe eens en knikt. Zoals steeds in het gesprek is duidelijk te merken, dat ze het samen goed gehad hebben, daar in dat verre Oeganda, meer dan acht uur vliegen van Amsterdam. Ze hebben steun aan elkaar gehad en dat was heel fijn, want het vertellen van wat ze gezien hebben kost moeite. Het is te veel, te heftig om in één keer te vertellen, maar dat hoeft ook niet. Op de paasvieringen kun je zelf van Pleun en Myrthe horen wat ze hebben meegemaakt en wat wij, De Nassau, kunnen doen om Oeganda te helpen.

Voor nu kan ik alleen maar zeggen: lieve meiden, dank je wel, voor jullie bijzondere werk, voor jullie verhaal op deze eerste dag. We zijn er stil van. Vertel ons in de komende tijd nog veel meer!

M.T.Reichmann

Extra foto's